Riha (ook bekend als Urfa), een historische stad waar geschiedenis, geloof en verzet nauw met elkaar verweven zijn, heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een van de plaatsen waar het speciale oorlogsbeleid van de Turkse staat bijzonder intensief wordt uitgevoerd. De reden hiervoor ligt voor de hand: Riha ligt, vanwege zijn ligging aan de grens met Rojava, de rol van zijn jongeren tijdens de opstanden in Kobanê en de diepe verankering van de Koerdische politieke beweging in de arbeiderswijken van de stad, direct in het vizier van staatsaanvallen.
Tegelijkertijd blijft ook het verzet van de PKK in de jaren zeventig tegen met de staat collaborerende stamgebonden structuren in de districten Sêwreg (Siverek) en Curnê Reş (Hilvan) in het geheugen van de staat aanwezig. Deze historische gebeurtenissen dienen echter tot op de dag van vandaag als rechtvaardiging voor maatregelen waarmee de invloed van de Koerdische vrijheidsbeweging in Riha moet worden gebroken. De door de staat toegepaste methoden zijn daarbij niet in de eerste plaats gebaseerd op fysieke vernietiging, maar op een veelzijdige strategie van culturele en morele vernietiging van de samenleving. Prostitutie, bendevorming, drugs en het ronselen van informanten uit de samenleving vormen de vier centrale pijlers van dit beleid.
850 bordelen onder controle van de politie
Informatie die in 2019 openbaar is gemaakt, evenals verklaringen van de politie zelf, geven het meest indrukwekkende beeld van de situatie. Zo werd gemeld dat er in de stad 850 bordelen zijn die onder toezicht van de politie staan. Dit toont duidelijk aan dat prostitutie en drugshandel zijn veranderd van een zogenaamd „veiligheidsprobleem“ in een onderdeel van het door de staat gecontroleerde systeem.
Drugsgebruik en -handel
Riha geldt als een belangrijk distributiecentrum, zowel voor drugstransporten uit Licê en Nisêbîn (Nuseybin) als voor verdovende middelen die via Iran en Syrië worden binnengesmokkeld. De leeftijd van de drugsgebruikers lijkt bovendien te dalen, met name in door armoede getroffen Koerdische wijken. Zowel het gebruik van heroïne, synthetische drugs als crystal meth is wijdverbreid.
De gewapende aanval van 14 april op een middelbare school in Sêwreg, waarbij 16 leerlingen gewond raakten, laat zien hoezeer jongeren worden beïnvloed door drugshandel, bendegeweld en een wapencultuur. Sêwreg staat bovendien bekend om zowel de ernstige armoede als de problemen die worden veroorzaakt door het beleid van de AKP, waar we later in dit artikel op terugkomen.
Uitbuiting van vluchtelingen in de prostitutie
Riha is een van de steden met het grootste aantal Syrische vluchtelingen. Tienduizenden gezinnen vechten in de buitenwijken van de stad om te overleven – zonder betaald werk, zonder enige juridische bescherming en onder onmenselijke omstandigheden. De overheidssteun beperkt zich tot het zogenaamde ‘rode-kaart-systeem’, waarmee de betrokkenen maandelijks slechts 500 lira (stand 2024) ontvangen. Het is duidelijk dat een dergelijk bedrag niet voldoende is voor een menswaardig bestaan. Zonder werkvergunning en sociale zekerheid is prostitutie voor veel vrouwen dan geen keuze meer, maar de enige mogelijkheid om te overleven. Terwijl de staat echter geen andere mogelijkheid tot werk biedt, worden de betrokkenen gecriminaliseerd onder het voorwendsel dat ze uiteindelijk de ‘keuze’ hebben. De verantwoordelijkheid om deel uit te maken van het prostitutiemilieu wordt daarmee systematisch bij de betrokkenen gelegd.
Gespecialiseerde politie-eenheden
Volgens lokale bronnen zijn er in Riha meer dan duizend appartementen en huizen die worden gebruikt voor prostitutie en zogenaamde ‘begeleidingsdiensten’. Terwijl deze locaties vrijwel zonder beperkingen blijven functioneren, melden waarnemers ter plaatse dat de structuren deels met opmerkelijke continuïteit blijven bestaan. Tegen de achtergrond van de verklaring van de politieautoriteiten uit 2019 ontstaat de indruk dat het om een gedoogd en gecontroleerd systeem gaat.
De prostitutienetwerken richten zich niet alleen op Syrische vrouwen, maar in toenemende mate ook op jonge vrouwen uit verarmde Koerdische gezinnen in de regio. Wat vaak begint met de belofte van „gemakkelijk verdiend geld“, mondt later uit in chantage en het systematisch afhankelijk maken van de slachtoffers. Daarbij worden ook intieme opnames gemaakt, die worden gebruikt voor intimidatie en voor rekruterings- of informantenstructuren.
Volgens Z.D., die werkzaam is bij een openbare instelling in Riha, opereren deze structuren met name via politieagenten en soldaten, die gericht jonge Koerdische vrouwen moeten werven en in een afhankelijkheidsrelatie moeten brengen. Het netwerk zou worden aangestuurd door speciale eenheden binnen de politiedirecties. Volgens Z.D. zouden deze structuren zijn opgezet op instructie van de voormalige minister van Binnenlandse Zaken Süleyman Soylu. Daarbij zouden gericht medewerkers worden ingezet die door hun uiterlijk de aandacht zouden kunnen trekken. Volgens Z.D. zijn deze eenheden nog steeds actief.
Bendecriminaliteit en corruptie onder het curatelestelsel
Een van de meest recente gedocumenteerde voorbeelden van de maffia-achtige structuren in Riha kwam pas enkele dagen geleden aan het licht. Tijdens een grootschalige operatie in het district Xelfetî (Halfeti) werden 49 personen gearresteerd, onder wie ook de voormalige AKP-burgemeester Şeref Albayrak. Zij worden ervan beschuldigd tussen 2019 en 2024 – inclusief de periode van curatele – corruptie te hebben georganiseerd in gemeentelijke aanbestedingen en gunningsprocedures.
De arrestaties worden als bijzonder explosief beschouwd. Albayrak was in 2016, na het ontslag van het toenmalige DEM-bestuur, aanvankelijk aangesteld als staatscuratele in Xelfetî. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2019 won hij vervolgens het burgemeesterschap als AKP-kandidaat. In 2024 verloor de AKP de gemeente weer aan de DEM-partij, waarna de gemeente opnieuw onder curatele werd geplaatst.
De nu gestarte operatie tegen vermeende corruptie in de periode van 2019 tot 2024 werpt daarmee opnieuw een schijnwerper op de rol van de curatele in Koerdistan. De beschuldigingen wijzen erop dat onregelmatigheden bij openbare aanbestedingen en gunningsprocedures mogelijk systematisch zijn georganiseerd.
De aanstelling van curatoren wordt al jaren bekritiseerd, niet alleen als een politieke ingreep tegen de democratische wil van de bevolking, maar ook als een structuur die een gebrek aan controle over openbare middelen mogelijk maakt. Het onderzoek in Xelfetî wordt daarom gezien als een voorbeeld van hoe politieke ontmachting, economische uitbuiting en lokale machtsstructuren met elkaar verweven zijn. In verband met beschuldigingen over drugshandel, prostitutienetwerken en informantenstructuren tekent zich een uitgebreid systeem van maatschappelijke ontwrichting af.
De activiteiten van dergelijke bendes beperken zich echter niet tot gewone kleine criminaliteit. Actoren die zich bezighouden met drugshandel staan onder bescherming van staatsmachten. Politieoperaties tegen deze structuren vinden daarom slechts zelden plaats en zijn afhankelijk van de wijk en de politieke kleur van die wijk.
De bijzondere rol als grensstad
Door zijn ligging aan de grens met Rojava speelt Riha ook binnen de staatsstructuren voor toezicht en rekrutering een bijzondere rol. De Turkse geheime dienst MIT en militaire inlichtingendiensten gebruiken de stad als centraal knooppunt om informatie te verzamelen over Rojava en over netwerken van de Koerdische vrijheidsbeweging in Turkije.
Daarbij zouden vergelijkbare methoden worden toegepast als die welke al in Qoser (Kızıltepe) en Nisêbîn zijn gedocumenteerd. Hiertoe behoren met name het ronselen van informanten via economische afhankelijkheid, drugsstructuren en seksuele chantage. Er wordt onder meer melding gemaakt van gevallen waarin verslaafden onder druk werden gezet om met overheidsinstanties samen te werken. Ook zouden intieme opnames doelbewust worden ingezet voor chantage. Bovendien zouden gezinnen in precaire economische omstandigheden worden benaderd met beloften van geld of werk, met name om jonge mensen te werven. Lokale bronnen melden bovendien “liefdes- en relatiestrikken”, waarbij persoonlijke of emotionele relaties zouden worden gebruikt om meerdere personen tegelijk in informantenstructuren te betrekken.
De mensenrechtenorganisatie IHD documenteerde in haar speciale rapport over het ronselen van agenten tussen 2022 en 2024 in totaal 87 dergelijke gevallen. Een aanzienlijk deel van de meldingen is afkomstig uit de grenssteden van Noord-Koerdistan. Het aandeel van Riha wordt als bijzonder hoog ingeschat vanwege de strategische ligging en de sociale kwetsbaarheid als gevolg van vluchtelingenstromen en armoede.
Zelfmoorden en het uiteenvallen van de samenleving
Volgens gegevens van het onderzoekscentrum SAMER is het zelfmoordcijfer in Riha tussen 2000 en 2023 met een factor 2,71 gestegen. De stijging was volgens het onderzoek vooral sterk in de periode tussen 2020 en 2023. Alleen al in deze drie jaar hebben volgens het onderzoek 280 mensen zelfmoord gepleegd. In vergelijking met de 23 onderzochte steden in Noord-Koerdistan behoort Riha daarmee tot de regio's met de hoogste stijgingspercentages in zelfmoorden.
De cijfers louter als een statistische ontwikkeling beschouwen, zou echter de maatschappelijke en politieke achtergrond buiten beschouwing laten. De periode tussen 2020 en 2023 werd gekenmerkt door massale repressie tegen de Koerdische beweging, de debatten over een verbod op de HDP, de sociale gevolgen van de coronapandemie en een toenemende economische crisis, die ook van invloed was op het drugsgebruik.
Tegelijkertijd werden de controlemechanismen en de druk van de staat in Koerdische wijken opgevoerd. Tegen deze achtergrond staan de stijgende zelfmoordcijfers niet op zichzelf, maar moeten ze worden gezien als een uiting van diepe maatschappelijke ontwrichting. Hierin komen ook de sociale gevolgen van de speciale oorlogsstrategie tot uiting.
Hoe is de situatie in de districten van Riha?
In Wêranşar (Viranşehir) beschikt de Koerdische politieke beweging nog steeds over sterke maatschappelijke structuren, met name onder jongeren en vrouwen. Het district behoort daarom al jaren tot de regio’s waar het aantal arrestaties, huisarresten en de druk op lokale dorpshoofden bijzonder sterk is toegenomen. Na de aanstelling van door de staat aangestelde curatoren werden talrijke gemeentelijke instellingen gesloten, waaronder kleuterscholen, culturele centra en kinderacademies. In de plaats daarvan kwamen door de staat gecontroleerde instellingen zoals korancursussen en zogenaamde jeugdcentra.
Tegelijkertijd werd de maatschappelijke en politieke ruimte voor jongeren steeds verder ingeperkt. Ook verspreidden drugsgebruik en georganiseerde uitbuitingsstructuren zich in toenemende mate in het dagelijks leven van de stad. Volgens lokale bronnen zijn er in Wêranşar minstens 70 appartementen en huizen die onder controle zouden staan van prostitutienetwerken. Veel van deze locaties concentreren zich rond arme wijken en informele nederzettingen waar Koerdische vrouwen wonen die uit Kobanê of Aleppo moesten vluchten.
Pirsûs: van solidariteitsstad tot geïsoleerde grensregio
Ook in Pirsûs (Suruç) is een ingrijpende maatschappelijke verandering waarneembaar. Tijdens het verzet van Kobanê in 2014 gold de stad als een belangrijk centrum van solidariteit en toevlucht. Tegenwoordig worden veel wijken gekenmerkt door militarisering, economische isolatie en een gebrek aan perspectief. Volgens lokale bestuurders bedraagt de werkloosheid inmiddels meer dan 70 procent. Vooral jongeren en jongvolwassenen vinden nauwelijks nog werk of hebben geen maatschappelijke perspectieven. De muren en militaire barrières die aan de grens met Rojava zijn opgetrokken, hebben de stad economisch en sociaal grotendeels afgesneden van Noord- en Oost-Syrië.
Tussen 2023 en 2026 werden in Pirsûs meer dan 50 zelfmoorden geregistreerd. Volgens gegevens uit gezondheidsmiddens waren de meeste slachtoffers tussen de 18 en 25 jaar oud. In officiële rapporten wordt vaak gesproken over “onbekende oorzaken” of economische problemen, maar de ontwikkeling wijst op een diepere sociale crisis. Tegelijkertijd verdwenen steeds meer ruimtes voor cultuur en maatschappelijke organisatie. Koerdische theaterprojecten, cultuurhuizen en politieke initiatieven werden gesloten of verdrongen. Onder de aangestelde curatoren kwamen er nauwelijks maatschappelijke voorzieningen voor in de plaats, afgezien van enkele door de staat georganiseerde sportevenementen. Het ontstane vacuüm werd in toenemende mate opgevuld door drugshandel, uitzichtloosheid, armoede en prostitutienetwerken.
Serêkaniyê: centrum van bewaking en rekrutering
Serêkaniyê (Ceylanpınar) wordt beschouwd als een van de duidelijkste voorbeelden van de toenemende verwevenheid van bewaking, sociale controle en maatschappelijke ontwrichting in Riha. Volgens officiële gegevens telt het district het hoogste aantal vluchtelingen in de regio en heeft het zich tegelijkertijd ontwikkeld tot een centrale locatie voor staatsrekruterings- en informantenstructuren. Met name de Turkse geheime dienst MIT en de militaire inlichtingendienst zouden daar intensief bezig zijn met het verzamelen van informatie over Rojava en de structuren van de Koerdische vrijheidsbeweging.
Een van de vaak beschreven methoden is het ronselen van jonge mensen die eerder in een drugsverslaving of extreme economische nood terecht zijn gekomen. Hen wordt geld of andere voordelen aangeboden om hen voor informantenstructuren te winnen. Daarnaast speelt ook seksuele chantage een centrale rol. Volgens lokale bronnen zouden in Serêkaniyê op deze manier minstens 60 personen onder druk zijn gezet of geregistreerd.
Medewerkers van lokale maatschappelijke organisaties maken melding van een klimaat van diep wantrouwen. Veel mensen zouden de indruk hebben dat overheidsinstanties zelf deel uitmaken van die structuren die jongeren eerst in aanraking brengen met drugs en „gemakkelijk geld“ en hen vervolgens verslaafd maken. Volgens lokale bronnen zijn er in het district ongeveer 300 woningen en huizen die in verband zouden staan met prostitutienetwerken. Een aanzienlijk deel van deze structuren zou openlijk opereren, met medeweten van de veiligheidsdiensten.
Sêwreg: controle over armoede en interne spanningen
Ook Sêwreg, een van de armste districten van Riha, wordt gekenmerkt door diepe sociale spanningen. Tegelijkertijd draagt de regio tot op de dag van vandaag de historische herinnering aan de vroege organisatieprocessen van de PKK in de jaren zeventig met zich mee. Vanwege de nog steeds sterke stamstructuren zet de staat hier minder in op directe confrontatie met de Koerdische politieke beweging dan op indirecte controlemechanismen. Hiertoe behoren spanningen binnen de samenleving, conflicten tussen familie- en stamverbanden en de verspreiding van informele machtsstructuren.
De handel in drugs en wapens raakt daarbij steeds meer met elkaar verweven. Als voorbeeld van deze ontwikkeling wordt onder meer een gewapende aanval op een school genoemd, die de afgelopen weken de aandacht trok. De prostitutienetwerken opereren in Sêwreg op een meer verborgen manier dan in het centrum van Riha. Volgens lokale bronnen zijn er echter ook daar zo’n 150 appartementen en huizen die in verband zouden staan met deze structuren. Op het gebied van het ronselen van informanten raken met name mannelijke jongeren in de schoolgaande leeftijd steeds vaker in het vizier.
Curnê Reş: doorvoerroute voor drugshandel
Ook in Curnê Reş, een kleiner maar strategisch belangrijk district in de buurt van Sêwreg, bepalen armoede, drugshandel en surveillancestructuren in toenemende mate het dagelijks leven. Vanwege de nabijheid van militaire grens- en veiligheidsposten wordt de druk van overheidsinstanties daar vaak uitgeoefend via regeringsgezinde families van dorpsbewakers. In tegenstelling tot Sêwreg zijn de maatschappelijke structuren van de Koerdische politieke beweging in Curnê Reş minder sterk ontwikkeld. Juist daarom heeft de regio zich de afgelopen jaren in toenemende mate ontwikkeld tot een doorvoerroute voor drugshandel. Lokale bronnen melden dat met name heroïne- en methamfetaminezendingen die via Curnê Reş worden vervoerd, nauwelijks worden gecontroleerd.
Bêrecûk: strategisch observatiepunt aan de Eufraat
In Bêrecûk (Birecik) is de situatie deels anders. Dit district aan de Eufraat is zowel van toeristisch als strategisch belang. Drugs- en prostitutienetwerken zijn daar minder openlijk aanwezig dan in andere delen van Riha. Tegelijkertijd geldt Bêrecûk als een belangrijk observatie- en bewakingspunt voor activiteiten langs de westelijke regio's van Rojava, met name in de richting van Kobanê. Inlichtingendiensten verzamelen van daaruit gericht informatie over bewegingen en ontwikkelingen aan de andere kant van de grens. Daarnaast bestaan er ook vermoedens van corruptie bij afzonderlijke openbare aanbestedingen en gunningsprocedures in het district. De beschuldigingen doen denken aan de recente onderzoeken in Xelfetî.
Kaniya Xezalan: grensgebied tussen vlucht, uitbuiting en smokkel
Kaniya Xezalan (Akçakale) behoort tot de centrale grensplaatsen tussen Noord-Koerdistan en Girê Spî (Tall Aybad) in Rojava. De regio is al jaren een van de belangrijkste doorgangspunten voor vluchtelingen en grensoverschrijdende bewegingen. Tegelijkertijd hebben zich daar diepgewortelde uitbuitings- en smokkelstructuren gevestigd. Prostitutienetwerken opereren in Kaniya Xezalan bijna openlijk. Vooral Syrische vrouwen en kinderen zouden blootstaan aan systematische uitbuiting.
Ook het ‘rode kaart’-systeem zou in Kaniya Xezalan bijzonder sterk aanwezig zijn. Volgens lokale bronnen staan talrijke adressen onder directe controle van of zijn ze bekend bij de veiligheidsdiensten. Bovendien geldt het district als een belangrijk doorvoerpunt voor drugs die vanuit Syrië naar Turkije worden vervoerd.
Het strategische belang van de grensstad Riha
Het is geen toeval dat het beleid van de ‘speciale oorlog’ in Riha bijzonder intensief wordt uitgevoerd. De stad neemt binnen Noord-Koerdistan een bijzondere positie in: ze heeft sterke historische banden met Rojava, was tijdens de opstand in Kobanê in oktober 2014 het toneel van massale protesten en behoort tot de belangrijkste grensregio's langs de Syrische grens. Juist dit maatschappelijke en politieke belang maakt Riha vanuit het oogpunt van de staat tot een gebied dat gecontroleerd en “geneutraliseerd” moet worden.
Dit komt vooral duidelijk naar voren in de wijken in het stadscentrum die tijdens de opstand in Kobanê als bolwerken van de Koerdische beweging golden. Veel van deze wijken worden tegenwoordig in toenemende mate gekenmerkt door drugshandel, prostitutienetwerken en maffia-achtige structuren. Vooral de patriottisch getinte wijken in de districten Xelîliye (Haliliye) en Eyyûbiye, evenals de wijk Cubeyde (Yeniköy), gelden als centrale doelgebieden van de staatsstrategieën voor controle en ontwrichting. Na de opstand zette de staat daar niet alleen in op massale veiligheidsmaatregelen, maar tegelijkertijd ook op maatschappelijke destabilisatie en sociale ontwrichting. Repressie en verpaupering ontwikkelden zich op veel plaatsen tot twee kanten van hetzelfde beleid.
Tijdens het onderzoek naar Riha bleek tegelijkertijd dat de discussie over mogelijke uitwegen inmiddels ook binnen de Koerdische samenleving aan belang wint. Veel gesprekspartners beschreven de toenemende maatschappelijke ontwrichting als een existentiële bedreiging. Eén uitspraak kwam daarbij in bijna alle gesprekken naar voren: „We beginnen steeds meer op onze vijand te lijken. Om te voorkomen dat deze ontwikkeling zich verder voortzet en de Koerdische samenleving uiteenvalt, moet de Koerdische beweging de politieke en maatschappelijke ruimtes heroveren die de afgelopen jaren leeg zijn gebleven.”
Volgend deel: Een golf van sterfgevallen in een tot zwijgen gebrachte stad – Çewlîg (Bingöl)
Auteur: Rüstem Sincer