In een gesprek met journalist Erdal Er tijdens een speciale uitzending op Medya Haber gaf Mustafa Karasu, lid van de Uitvoerende Raad van de Unie van Koerdische Gemeenschappen (KCK), zijn visie op de recente ontmoeting met Öcalan op İmralı, de kaderwet waarover momenteel een publiek debat gaande is, en de Alevi-kwestie.
Deel één is hier te lezen en deel twee hier.
Hoe kijkt u aan tegen het standpunt en de strijd van de Alevi-gemeenschap binnen het vredesproces? Hoe beoordeelt u de houding van de Alevi’s ten opzichte van het Vredes- en Democratische Samenlevingsproces?
Net zoals de republiek een beleid van genocide tegen de Koerden voerde, voerde zij ook een beleid van religieuze genocide tegen de Alevi’s. Turkije werd de Turkse staat, en op religieus vlak werd het de soennitische islam. Er werd een beleid gevoerd om andere geloofsovertuigingen uit te roeien. Het alevisme werd niet erkend als een geloof. Bijna een derde van de Turkse bevolking hangt dit geloof aan, maar toch werd het genegeerd. Het werd genegeerd. Tot op de dag van vandaag wordt het nog steeds genegeerd. Het wordt niet alleen genegeerd. Er wordt geprobeerd een versie van het alevisme te creëren die past bij hun eigen agenda. We weten hoe onze jeugd eruitzag. Cemevi’s en Cems werden in het geheim gehouden. Op slechts 200 meter afstand stonden bewakers op de uitkijk. Zo ging het. Dit legde natuurlijk een enorme druk op een religieuze overtuiging. Hoe kan dit nu worden uitgebannen? De enige manier is dat de alevieten doen wat de Koerden doen: verzet bieden en terugvechten. En dat is precies wat de alevieten doen.
De alevieten verzetten zich tegen dit beleid. Als alevieten zich wenden tot partijen die voortdurend over democratie spreken – ze praten veel over democratie en vrijheid, maar zetten die woorden niet om in daden – dan geven ze daarmee blijk van een bepaalde houding ten opzichte van degenen die deze beweringen doen. Alevitische jongeren hebben op grote schaal deelgenomen aan de Koerdische vrijheidsbeweging. Ze hebben ook op grote schaal deelgenomen aan de linkse beweging in Turkije. Alevitische jongeren speelden eind jaren zestig een zeer prominente rol in de revolutionaire jongerenbeweging in Turkije. Vanaf het allereerste moment dat wij op het historische toneel verschenen, waren Alevitische Koerdische jongeren zeer actief binnen onze strijd. Zij waren betrokken vanaf de oprichting van de beweging tot aan de ontwikkeling van de guerrillastrijd. In dit opzicht zijn de bezwaren en reacties van de samenleving tegen het systeem altijd op deze manier tot uiting gekomen. Nu moeten Alevieten hier natuurlijk stelling tegen nemen. Maar één ding is zeker: godsdienstvrijheid kan niet worden bereikt door deze of gene verklaring van de machthebbers.
Religieuze vrijheid kan niet louter door de woorden van een politieke partij worden verwezenlijkt. Religieuze vrijheid kan alleen worden verwezenlijkt door de strijd voor democratie. Net zoals de Koerden in hun strijd om bestaan, identiteit en vrijheid in de voorhoede staan van de strijd voor democratie, moeten ook de Alevieten in de voorhoede staan van de strijd voor democratie. Het enige dat religieuze vrijheid kan waarborgen, is de strijd voor democratie. Daarom heb ik dit herhaaldelijk gezegd in eerdere programma’s en in mijn geschriften. Democratie is voor alevieten een kwestie van geloofsbeleving. Alleen als de democratie wordt gevestigd, alleen als Turkije democratisch wordt, zullen zij vrijheid van geloof verkrijgen. Pas dan zullen de huidige problemen worden opgelost. Anders, zolang Turkije ondemocratisch blijft, zal geen enkel probleem van de alevieten worden opgelost. Dit moet allereerst duidelijk worden begrepen, en er moet een aanpak worden gevolgd die hierop is afgestemd.
Hoe kunnen zij nu profiteren van de ervaringen van de Koerdische vrijheidsbeweging? De algemene, waargenomen houding van de staat en de regering is dat zij het alevisme als geloofsrichting accepteren. Zij staan hun cemevi’s toe. Maar zij willen niet dat zij zich met politiek bemoeien en willen niet dat zij hun stem laten horen. De cemevi’s zijn nog steeds niet officieel erkend, en de assimilatiemachine draait nog steeds op volle toeren. Wat vind u hiervan? Wat zouden de alevieten moeten doen? Ja, u zei dat ze strijden voor democratie. Ze voeren ook al lange tijd de strijd voor gelijkwaardig burgerschap. Maar hoe kan dit worden bereikt op een manier die de gehele Alevi-gemeenschap omvat?
Zeggen dat Alevieten zich niet met politiek moeten bezighouden en zich alleen maar moeten beperken tot het houden van cems in hun cemevi’s, komt neer op het weghouden van Alevieten uit de politiek – en natuurlijk ook uit de strijd voor democratie. Dit staat gelijk aan het vertellen aan Alevieten dat ze een „religieuze genocide“ moeten accepteren. Het betekent dat je je Alevi-identiteit moet opgeven en het soort Alevi moet worden dat de staat wil – of zelfs soenniet moet worden. In dit opzicht is de belangrijkste behoefte van Alevieten dat ze hun geloof vrij kunnen belijden en dat deze geloofsbeleving authentiek blijft. Geloofsbeleving is de zichtbare vorm van het geloof, niet de essentie ervan. Deze staat wil Alevieten van hun essentie beroven en hen reduceren tot louter ritueel. Zodra het tot louter ritueel is gereduceerd, speelt de kwestie van godsdienstvrijheid geen rol meer. Naar Cemevis gaan en louter de Cem uitvoeren is geen godsdienstvrijheid. Alevieten moeten in staat zijn te leven in overeenstemming met hun identiteit, cultuur en waarden. Ze moeten in staat worden gesteld hun waarden levend te houden. Dit kan alleen worden bereikt door middel van democratie. In dit opzicht moet democratisering absoluut een topprioriteit zijn voor Alevieten.
Een alevi die geen deel uitmaakt van de strijd voor democratisering is een alevi die religieuze genocide heeft aanvaard. Net zoals een Koerd die geen deel uitmaakt van de Koerdische vrijheidsbeweging en niet deelneemt aan de Koerdische vrijheidsstrijd, in feite culturele genocide heeft aanvaard. Hun bestaan zelf wordt met uitroeiing bedreigd. Hetzelfde geldt voor alevieten die zich niet inzetten voor de strijd voor democratie. Er zijn zeer belangrijke lessen die Alevieten kunnen leren uit de vrijheidsstrijd van het Koerdische volk. Aan de andere kant is de helft van de Alevieten Koerdisch – misschien zelfs meer. Zij maken al deel uit van de Koerdische vrijheidsstrijd. We hebben in onze strijd meer dan 50.000 martelaren gegeven. Alleen al het aantal Alevitische jeugdmartelaren bedraagt meer dan 10.000. Er is werkelijk sprake van een enorm aantal martelaren. Vanuit dit perspectief is de Koerdische vrijheidsstrijd in feite ook de strijd van de Alevieten voor vrijheid van geloof.
Wij komen op voor het vrije en democratische bestaan, niet alleen van Koerden of zelfs alleen van Alevieten, maar ook van alle verschillende religieuze en etnische gemeenschappen in Turkije. Wij pleiten voor een democratische natie. Wij verzetten ons zowel tegen een mono-etnische als tegen een monotheïstische wereldvisie. In dit opzicht moeten ook de alevieten dit standpunt innemen. Om hun eigen vrijheid te verwezenlijken, moeten alevieten zich niet alleen verzetten tegen de monoreligieuze mentaliteit, maar ook tegen de mono-etnische mentaliteit. Want mono-etnicisme leidt tot andere vormen van uitsluiting. Zolang er een mono-etnisch beleid tegen de Koerden wordt gevoerd, zal een soortgelijk beleid ook aan de alevieten worden opgelegd – een monosectarisch, monoreligieus beleid. Er kunnen uiteenlopende standpunten over deze kwestie bestaan. Democratie is immers niet iets dat kan worden bereikt door de strijd van één enkele beweging of één enkele kracht. We zeiden vroeger dat revoluties een kwestie van allianties zijn. Democratie is ook een kwestie van allianties. Het is een kwestie die nog bredere allianties omvat. In dit opzicht zullen er natuurlijk uiteenlopende standpunten en verschillende gemeenschappen zijn; deze zullen samenkomen om de strijd voor democratie te voeren.
Het gaat erom een gemeenschappelijke basis te vinden. Zodra er in de strijd voor democratie een gemeenschappelijke basis is gevonden en er een democratisch Turkije tot stand is gekomen, zal iedereen zijn uiteenlopende standpunten effectiever kunnen bespreken. Door middel van discussie kunnen zij tot betere gezamenlijke conclusies komen. Waar geen democratie heerst, kan ook geen effectieve gezamenlijke discussie plaatsvinden. Dit komt doordat de fundamenten voor een gezamenlijke discussie niet sterk genoeg zijn. Een cultuur van democratisering, en democratisering zelf, betekent ook de ontwikkeling van een cultuur. Het betekent een cultuur van vrije discussie en het vinden van gemeenschappelijke grond. Waar geen democratisering is, zijn discussies evenmin democratisch.
Er zijn meerdere punten van zorg als het om Alevieten gaat. Een daarvan is de kwestie van eenheid. De staat wil de Alevieten verdelen, versnipperen en controleren. Veel groeperingen willen hun eigen versie van het alevisme creëren, afgestemd op hun eigen belangen. Toen de Alevieten van het platteland naar de steden trokken, kwam deze kwestie steeds meer naar voren. Hoe kunnen de Alevieten dit probleem dan oplossen? Helaas heeft de recente splitsing binnen de CHP ook gevolgen gehad voor de Alevieten. Hoe komt dat? Hoe beoordeelt u dit? Wat zijn uw voorstellen op dit moment? Hoe kunnen de Alevieten hun eenheidsproblemen oplossen en hun rechten als gelijkwaardige burgers veiligstellen? Hoe kan hun strijd nauwer worden verbonden met die van de Koerden?
Al meer dan een eeuw worden er spelletjes gespeeld ten koste van de Alevieten. En het is de staat die deze spelletjes speelt. Tegenwoordig is er het Directoraat voor Bektashi-cultuur en Cemevi’s, dat onder het Ministerie van Cultuur valt. Dit is een ingreep tegen de Alevieten. Het is een weigering om hun geloof te erkennen. Het is onvermijdelijk dat er over deze kwestie verschillende ingrepen en uiteenlopende standpunten naar voren komen. De staat met zijn diverse instellingen zit hierachter. Alle Alevieten zouden zich moeten verdiepen in de vraag hoe het authentieke alevisme eruitzag. Hoe zag het alevisme er 200 jaar geleden uit? Dit is belangrijk voor ons. Tweehonderd jaar geleden was er geen inmenging van de staat. Er was wel druk vanuit de Ottomanen en er vonden van tijd tot tijd bloedbaden plaats. Maar er werd geen poging gedaan om het alevisme in hun belang te definiëren of vorm te geven. Met name na de oprichting van de republiek kwam deze kwestie echter ook aan de orde. Net zoals de islam door de staat werd erkend en onder staatscontrole werd gebracht, werd er geprobeerd hetzelfde te doen met het alevisme.
Overtuigingen mogen niet onder staatscontrole staan. Ze moeten autonoom zijn. Er wordt beweerd dat autonome overtuigingen gevaarlijk zijn, maar dat is niet het geval. Overtuigingen worden pas gevaarlijk wanneer ze onder staatscontrole komen te staan of wanneer de machthebbers ze gaan gebruiken voor hun eigen belangen. De islam raakte gecorrumpeerd nadat hij verstrikt raakte in de macht. Alles wat verstrikt raakt in de macht, raakt gecorrumpeerd. Vanuit dit perspectief is ook het alevisme veranderd in een instrument voor de eigen doeleinden van de regering. Dit gaat tot op de dag van vandaag door onder de Republiek Turkije. Natuurlijk speelt ook mee dat het alevisme zijn eigen, diverse Ocaks [spirituele centra] kent. Elke afstammingslijn heeft zijn eigen, onderscheidende kenmerken. Dat is wat bedoeld wordt met Meşreb. „Het pad is één, maar de wegen zijn duizend-en-één.“ Dat is de aard ervan. Wat betreft eenheid vragen sommigen zich oprecht af waarom dit concept wordt gebruikt. De termen ‘Müsahip’ en ‘broederschap’ werden gebruikt. Er werd hen verteld dat ze elkaar als Müsahips moesten beschouwen. Misschien dekt het begrip ‘Müsahiplik’ de lading niet helemaal, omdat het in het alevisme zeer hoog in het vaandel staat. Het gaat verder dan broederschap. Als je een ‘Müsahip’ wordt, ga je een relatie en eenheid aan die verder reikt dan die van een gewone broer. In die zin dekt de term het begrip misschien niet volledig, maar ze moeten echt een gemeenschappelijke basis vinden. Ze moeten een gemeenschappelijke basis vinden in de democratie. Natuurlijk zijn we ons ervan bewust dat er tekortkomingen en slechte invloeden zijn. Dat is wat we bekritiseren. Wij willen authentiek alevisme. Laten we uitgaan van de cultuur die tweehonderd jaar geleden bestond – de authentieke cultuur die ons is overgeleverd zonder inmenging van de regering of de staat. Laat vernieuwing daardoor plaatsvinden, zonder de essentie ervan te veranderen. Het is niet juist om ons aan het kapitalisme te onderwerpen onder het voorwendsel dat het onmogelijk is om het alevisme in de stad te beleven. Het alevisme is een gemeenschapscultuur. Zelfs als alevieten naar de stad komen, moeten ze zich verzetten tegen deze individualistische levenswijze die door het kapitalisme is gecreëerd – een levenswijze die de samenleving versnipperd. Het alevisme is een gemeenschapssysteem. De essentie ervan is democratisch. Het democratische karakter vloeit voort uit de gemeenschappelijke essentie. In dit opzicht neigt het van nature naar de strijd voor democratisering. Waar het om gaat, is hoe we onze oude waarden in stand zullen houden. We moeten ze in stand houden. We moeten die gemeenschapswaarde in stand houden. We mogen niet toegeven aan de individualistische, verdeeldheid zaaiende benadering van de stad.
De Alevi-gemeenschap is een hechte gemeenschap. Ze leven in solidariteit met elkaar. Deze solidariteit moet in stand worden gehouden, of het nu in Istanbul, in Izmir of in Europa is. We moeten een manier vinden om dit te realiseren. We moeten de weg vinden naar een gemeenschappelijke levenswijze. Alevieten hebben altijd in gemeenschap geleefd. Nu zijn er van die argumenten die beweren dat deze levenswijze in de stad niet mogelijk is. Maar dat zijn zeer simplistische, oppervlakkige beoordelingen. Ja, ze komen naar de stad en er zijn nieuwe omstandigheden. Maar hoe zal de gemeenschap hier in stand worden gehouden? Hoe zal zij haar gemeenschappelijke waarden behouden? Hiervoor moet een georganiseerde strijd worden gevoerd. En natuurlijk: net zoals we strijden tegen het kapitalisme – dat de samenleving uiteenrijt – gaan we dan de ontmanteling van de samenleving door het kapitalisme accepteren? Als we dat niet accepteren, dan mogen we ook de ontmanteling van die samenleving niet accepteren nadat de Alevieten naar de stad zijn gekomen. Dat is waar het ware alevisme om draait.
In veel kringen wordt gezegd dat Alevieten en Koerden – deze twee belangrijke sociale groepen – hun eigen kwesties hebben, maar ook van elkaar verschillen. Georganiseerde gemeenschappen zijn belangrijke dynamische krachten in Turkije en Koerdistan. Als democratie een gemeenschappelijke basis is, welke resultaten zouden er dan voortkomen als de twee nauwer zouden samenwerken? Welke gezamenlijke inspanningen moeten op dit vlak worden geleverd?
De Koerdische vrijheidsbeweging en de Alevi-beweging – met name de democratische Alevi-beweging – moeten de krachten bundelen. Er zijn veel Alevi-organisaties. Op een paar na zien we dat de overige organisaties het over het algemeen eens zijn over democratisering. We zien dat ze op veel punten dezelfde standpunten delen. Ja, er zijn verschillen. Die zijn om de een of andere reden ontstaan, maar dit is niet de plek om daarover te discussiëren. Het zou goed zijn als er eenheid was en als iedereen het juiste inzicht zou delen. Maar op dit moment is het niet mogelijk om dat tot stand te brengen. Zo ziet de situatie eruit. De relaties met de Koerden zijn nu heel, heel belangrijk. Als er op dit moment sprake is van een lichte versoepeling van de beperkingen tegen Alevieten in Turkije, dan is dat te danken aan de resultaten die de vrijheidsbeweging heeft behaald. Het begon eind jaren tachtig. Men zag dat de Koerdische vrijheidsbeweging groeide, dat Alevitische jongeren zich bij de Koerdische vrijheidsbeweging aansloten en dat de beweging pleitte voor democratisering. Ook veel Alevitische Turken sloten zich aan. Als gevolg daarvan vond er een zekere verandering plaats. Er kwam een versoepeling.
De Alevieten erkennen dit ook.
Dat klopt, want dit is een feit. Het is niet alleen ons verhaal. Het is een maatschappelijke en historische realiteit. Maar toen de staat zag dat de Alevieten zich aansloten bij de vrijheidsbeweging, versoepelde zij haar standpunt over bepaalde kwesties en juist om die reden vond het bloedbad van Sivas plaats. Het bloedbad van Sivas vond plaats omdat de Alevieten begonnen deel te nemen aan de strijd voor democratie en democratische standpunten innamen. Dat bloedbad vond plaats om hier een halt aan toe te roepen. In die tijd waren er onder de Alevieten in het algemeen daadwerkelijk een strijd voor democratie en een discours over democratisering aan het ontstaan.
Voor de Turkse staat wordt het concept van democratisering echter als gevaarlijk beschouwd. Zij streeft democratisering niet na en bevordert deze niet uit angst dat de Koerden hiervan zullen profiteren. Zij stelt dat als het bewustzijn, de cultuur en het discours over democratisering zich ontwikkelen, de Koerden hiervan zullen profiteren. Om deze reden grijpt zij in tegen individuen die het discours over democratisering bevorderen en tegen gemeenschappen die het idee van democratisering verwoorden – of het nu om individuen of groepen gaat. Ook de alevieten moeten dit onder ogen zien. Als zij zich daadwerkelijk aansluiten bij de Koerdische vrijheidsbeweging in de strijd voor democratie, zullen de alevieten daar net zo veel baat bij hebben als de Koerden. Er is in feite sprake van een proces van democratische samenlevingsvorming. Dit is niet louter een kwestie van Koerdische bevrijding of het oplossen van de Koerdische kwestie.
Betekent dit ook dat de Alevi-kwestie wordt opgelost?
Ja, absoluut. Alevieten moeten dit weten: het is niet omdat ik zelf Alevi ben. Deze beweging is bij de Çubuk-dam door zes mensen opgericht. Vier van de zes waren Alevieten – drie komen uit Dersim en één uit Varto. Onze beweging heeft in deze kwestie altijd een op vrijheid gerichte benadering gehanteerd – of het nu gaat om Alevieten, Êzidîs [Yazidi’s], Syriërs of mensen met andere geloofsovertuigingen. Ze heeft nooit een bekrompen houding aangenomen. Wij waarderen alle geloofsovertuigingen. Wij waarderen de islamitische gemeenschap. Wij waarderen hun sociale waarden en hun geloofsovertuigingen. We hechten evenveel waarde aan die van de alevieten als aan die van de Êzidîs. Want de waarden van alle geloofsovertuigingen zijn van sociale aard. Zolang ze niet verstrengeld raken met politieke macht, zijn rechten, rechtvaardigheid, gelijkheid en geweten gemeenschappelijke waarden die door alle religies worden gedeeld. In dit opzicht benaderen we religies niet op dezelfde manier als Europa dat doet. We stellen dat de waarden die de kern van religies vormen ook sociale waarden zijn – waarden die het socialisme zou omarmen.