DOSSIERS & OPINIE

Het negeren van de wil van Şengal leidt niet tot een oplossing

Het negeren van de wil van Şengal leidt niet tot een oplossing

De recente discussies vanuit Bagdad over de toekomst van Şengal laten eens te meer zien dat de kwestie niet kan worden gereduceerd tot een veiligheidsprobleem. Şengal wordt vandaag de dag geconfronteerd met de gevolgen van de historische en politieke realiteit die is ontstaan na het Ferman van 2014. Elke politieke benadering van Şengal moet daarom in de eerste plaats deze realiteit erkennen.

De aanval op de bevolking van Şengal was niet alleen een aanval van de terreurorganisatie „Islamitische Staat“ (IS). Hij bracht tegelijkertijd aan het licht hoe de politieke en veiligheidsmechanismen, die eigenlijk verantwoordelijk waren voor de bescherming van de bevolking, in elkaar stortten. Duizenden mensen werden gedood, vrouwen werden ontvoerd en honderdduizenden werden verdreven. De bevolking van Şengal werd aan haar lot overgelaten. Deze historische ervaring heeft de mensen in Şengal laten zien dat zij de bescherming van hun bestaan niet aan de goedwilligheid van anderen kunnen overlaten. Daarin ligt de oorsprong van de wil tot zelfbestuur en zelfverdediging, die zich vandaag de dag in Şengal manifesteert.

Na 2014 heeft de bevolking onder grote offers een nieuwe maatschappelijke en politieke realiteit gecreëerd. De instellingen voor zelfbestuur en zelfverdediging zijn historische verworvenheden die voortkomen uit een strijd op leven en dood. Terwijl de mensen hun leven opnieuw opbouwden, ontwikkelden ze hun eigen organisatievorm, hun politieke wil en hun vermogen tot zelfverdediging. Daarmee groeiden tegelijkertijd het bewustzijn en de wil om een vrij leven te leiden. De cruciale vraag over de toekomst van Şengal mag daarom niet luiden: „Hoe kan Şengal weer onder controle worden gebracht?“, maar: „Hoe kan de democratische wil van de bevolking van Şengal worden erkend en gewaarborgd?“

Beslissingen over Şengal kunnen niet zonder Şengal worden genomen

De aanpak die tijdens de recente besprekingen in Bagdad over de situatie in Şengal naar voren kwam, roept ernstige vragen op. Over de toekomst van een gebied beraadslagen zonder rechtstreeks te onderhandelen met de politieke wil en de vertegenwoordigingsstructuren van de daar wonende bevolking, is in strijd met de fundamentele beginselen van de democratische politiek. Over de toekomst van een volk en zijn land kan niet worden beslist zonder rekening te houden met zijn eigen wil. Zoals ook de Volksraad van Şengal in zijn recentste verklaring benadrukte, vormen benaderingen die Şengal opnieuw onder de controle van centrale machten willen brengen en eenzijdige voorschriften willen opleggen, niet alleen een bedreiging voor de bestaande democratische verworvenheden. Ze scheppen tegelijkertijd de voorwaarden voor nieuwe instabiliteit.

De Ferman van 2014 heeft de bevolking van Şengal een hoge prijs laten betalen voor een fundamenteel inzicht: hun veiligheid en hun toekomst kunnen niet volledig worden overgelaten aan de garanties van een politiek centrum. Daarom kan het er noch om gaan het zelfbestuur en de zelfverdediging over te laten aan de regering van de Koerdische Regio van Irak (KRI), noch deze uit te leveren aan de Iraakse centrale regering. Dat betekent geenszins dat politieke betrekkingen met Irak of met de regio Koerdistan moeten worden afgewezen. Integendeel: Şengal kan zijn juridische en politieke betrekkingen met beide partijen ontwikkelen op basis van democratische integratie. Voorwaarde daarvoor mag echter niet zijn dat de bevolking haar eigen politieke wil opgeeft.

Het eigenlijke probleem ligt in de onterechte tegenstelling tussen de Iraakse soevereiniteit en de democratische wil van Şengal. Het recht van de bevolking om zichzelf te besturen is niet gericht tegen de territoriale eenheid van Irak. Dat verschillende volkeren met hun eigen identiteit aan het politieke leven kunnen deelnemen, biedt juist een belangrijke kans voor de democratisering van Irak. Şengal werd jarenlang klemgehouden tussen twee centralistische benaderingen: enerzijds zijn er vanuit Zuid-Koerdistan afkomstige pogingen om de autonome instellingen van Şengal te verzwakken en hun legitimiteit in twijfel te trekken. Anderzijds zijn er pogingen van de centrale staat die de wil van Şengal en de realiteit van de Ferman negeren en opnieuw een centralistisch bestuur en controle willen opleggen.

Maar voor de bevolking van Şengal is er een derde weg: democratisch zelfbestuur, legitieme zelfverdediging en democratische integratie in Irak. Zelfbestuur en zelfverdediging moeten niet worden opgevat als een houding tegen de Iraakse centrale regering of de KRI-regering, maar als het recht van een volk om zijn bestaan te beschermen en over zijn toekomst te beslissen. Eigen instellingen, de participatie van vrouwen en jongeren in politieke besluitvorming, sterke lokale raden en een organisatie van het maatschappelijk leven op democratische basis vormen de pijlers van dit model.

De eenheid van Irak kan alleen blijvend bestaan als de wil van de volkeren waaruit deze staat bestaat, wordt erkend. Bagdad zou er daarom niet naar moeten streven om Şengal opnieuw onder zijn controle te brengen, maar democratische onderhandelingen moeten voeren met de bevolking aldaar. Evenzo zou Hewlêr (Erbil) niet moeten proberen Şengal binnen zijn eigen politieke invloedssfeer te trekken, maar de democratische wil van de bevolking aldaar moeten respecteren.

De YBŞ en YJŞ zijn niet uit het niets ontstaan

In de debatten over de zelfverdedigingstroepen van Şengal worden met name de historische omstandigheden buiten beschouwing gelaten waaronder de verzetseenheden van Şengal (YBŞ) en de vrouwengroepen van Şengal (YJŞ) zijn ontstaan. Zelfverdediging is voor Şengal niet simpelweg een kwestie van gewapende troepen. Het is een noodzaak die voortkomt uit de historische ervaring. De YBŞ en YJŞ zijn ontstaan in een tijd waarin de bevolking van Şengal werd blootgesteld aan zware aanvallen en staatsinstellingen en bestaande veiligheidsstructuren hen niet konden beschermen. Ze werden gevormd door de inzet, het verzet en de offers van de mensen die deelnamen aan de verdediging van Şengal. Degenen die daarbij het leven lieten, de strijd tegen IS en het verzet dat de terugkeer van de bevolking naar hun thuisland mogelijk maakte, behoren tot de fundamenten van de huidige politieke realiteit van Şengal.

Zelfverdediging betekent daarom de wil van een volk om zijn bestaan te beschermen, eigen beslissingen te nemen en nieuwe pogingen tot genocide het hoofd te bieden. Zonder erkenning van deze historische realiteit kan noch een duurzaam veiligheidsmodel voor Şengal worden gecreëerd, noch kan er blijvende vrede en stabiliteit worden bereikt. Elke eis tot afschaffing van de zelfverdedigingsstructuren moet daarom worden beantwoord met de vraag: wie heeft de bevolking van Şengal in 2014 beschermd? Het antwoord hierop moet ook het uitgangspunt vormen voor het huidige veiligheidsdebat.

In dit verband moeten ook de recent verspreide berichten en beweringen over de zelfverdedigingsstrijdkrachten worden bekeken. Berichten dat de YBŞ in het Iraakse leger zouden zijn geïntegreerd of dat zij hun eigen ontbinding zouden nastreven, werden in omloop gebracht zonder dat deze door een officiële bron waren bevestigd of dat er een feitelijke basis voor bestond. Een dergelijk informatiebeleid mag niet louter als propaganda worden beschouwd. Het is erop gericht het vertrouwen van de samenleving in haar eigen verdedigingsmachten te ondermijnen en onzekerheid te zaaien onder de bevolking. Propaganda die gericht is op de perceptie, het vertrouwen en de organisatie van een samenleving, maakt zelf deel uit van politieke conflicten. Het is daarom niet alleen van cruciaal belang om hiertegen in te gaan. Tegelijkertijd is het zaak om de historische band tussen de bevolking van Şengal en haar zelfverdedigingstroepen, en de omstandigheden waarin deze zijn ontstaan, zichtbaar te maken. Daar hoort ook het behoud van het collectieve geheugen bij, dat is voortgekomen uit de dialectiek van verraad en verzet.

Zelfverdediging en democratische integratie zijn geen tegenpolen

Een van de fundamentele misvattingen in het debat over Şengal is dat zelfverdediging en democratische integratie in Irak worden voorgesteld als twee elkaar uitsluitende mogelijkheden. Democratische integratie betekent niet dat de bevolking van Şengal haar eigen wil opgeeft. Het betekent dat zij met deze wil en haar eigen instellingen een erkende plaats inneemt binnen het politieke en juridische systeem van Irak. De basis van democratische integratie is wederzijdse erkenning. De Iraakse staat moet de democratische wil van Şengal erkennen. Şengal moet op zijn beurt binnen het politieke en juridische systeem van Irak democratische betrekkingen kunnen ontwikkelen waardoor zijn rechten worden gewaarborgd. Directe onderhandelingen, politieke dialoog en grondwettelijke garanties vormen hiervoor de basis.

Het beleid van Bagdad moet daarom de vraag „Hoe kunnen we Şengal onder controle houden?“ achter zich laten en in plaats daarvan vragen: „Hoe kunnen we een democratische relatie met de bevolking van Şengal opbouwen?“ Pas met een dergelijke verandering in aanpak wordt echte integratie mogelijk. In dit verband zijn ook de onlangs gehouden „Conferentie over genocide en democratische integratie“ en de conferentie van de Coördinatie voor Democratische Eenheid van belang. Met deelname van verschillende maatschappelijke en politieke groeperingen, identiteiten en internationale gasten werden daar de toekomst van Şengal, de maatschappelijke wil van de bevolking, de roep om democratische integratie en de realiteit van de genocide besproken. Tegelijkertijd werden er perspectieven ontwikkeld om onderhandelingen en dialoog op democratische basis te voeren.

De gezamenlijke conclusie van deze conferenties was duidelijk: de toekomst van Şengal ligt in de erkenning van de wil van de bevolking. Deze benadering is niet gericht op een afscheiding van Şengal van Irak, maar op het waarborgen van zijn democratische zelfbeschikking binnen Irak. Ze stelt de wil tot zelfbestuur niet tegenover de politieke eenheid van Irak, maar probeert beide op een democratische basis met elkaar te verbinden.

Nieuwe genocides voorkomen

Het belang dat de bevolking van Şengal tegenwoordig hecht aan zelfverdediging komt niet zozeer voort uit angst, maar uit historische herinneringen. De pijn van de Ferman is nog steeds aanwezig in het collectieve geheugen van de samenleving. Om te voorkomen dat een dergelijke Ferman zich herhaalt, moeten daarom niet alleen veiligheidsstructuren, maar ook de politieke status van Şengal, het lokale zelfbestuur en de democratische instellingen worden gewaarborgd. De veiligheid van een volk kan niet alleen met wapens worden gewaarborgd. Deze vereist ook de erkenning van zijn politieke wil en zijn rechten. Een samenleving waarvan de politieke wil niet wordt erkend, kan geen duurzame veiligheid bereiken.

Wat Şengal vandaag de dag nodig heeft, is daarom geen nieuw controlemechanisme, maar een basis voor democratische overeenstemming. Elke aanpak die de wil van de bevolking negeert, hun zelfbestuur wil afschaffen of de zelfverdedigingstroepen wil uitschakelen en daarin een oplossing ziet, brengt het gevaar met zich mee dat de omstandigheden van vóór 2014 opnieuw ontstaan. De bevolking van Şengal moet haar democratische instellingen, haar maatschappelijke organisatie en haar opvatting over zelfverdediging verder versterken. Tegelijkertijd moet zij haar democratische eenheid ontwikkelen rond gemeenschappelijke eisen en de kanalen voor dialoog en onderhandelingen met de democratische instellingen van Irak uitbreiden. Want de toekomst van Şengal mag noch door eenzijdige beslissingen van Bagdad, noch door de politieke belangen van Hewlêr, noch door de regionale belangen van andere krachten worden bepaald.

De wil van Şengal is geen obstakel voor de oplossing – hij is de oplossing zelf.

Auteur: Rojwar Karakoçan

Gerelateerde Artikelen