DEMOCRATISCHE MODERNITEIT

DBP-symposium bespreekt democratische economie als alternatief voor kapitalisme en armoede

DBP-symposium bespreekt democratische economie als alternatief voor kapitalisme en armoede
  • Noord-Koerdistan

De Partij van de Democratische Regio’s (DBP) heeft in Amed (Turks: Diyarbakır) een tweedaags symposium over de democratische economie geopend en daarmee een breed debat op gang gebracht over economische alternatieven in Koerdistan. Wetenschappers, politici, gemeentelijke vertegenwoordigers en actoren uit het maatschappelijk middenveld bespreken daarbij niet alleen de gevolgen van kapitalistische economische structuren, maar vooral ook concrete modellen voor gemeentelijke zelforganisatie, coöperatieve productie en solidaire voorzieningen.

Onder de titel „Democratische economie en economische organisatie“ richt het evenement de aandacht op de economische dimensie van het door de Koerdische vertegenwoordiger Abdullah Öcalan in gang gezette proces voor vrede en een democratische samenleving. De deelnemers benadrukten herhaaldelijk dat politieke democratisering onvolledig blijft zonder een fundamentele verandering van de bestaande economische orde.

De medevoorzitter van de DBP, Çiğdem Kılıçgün Uçar, opende het symposium met een verwijzing naar Öcalans opvatting van economie als een gemeenschappelijke praktijk. „Er is in deze wereld niet eens één mier die werkloos is. Hoe kan de mens dan werkloos zijn?“ Deze visie beschrijft economie niet als een instrument voor winstmaximalisatie, maar als een uitdrukking van maatschappelijke organisatie. De huidige economische orde ontloopt daarentegen elke sociale verantwoordelijkheid en reduceert arbeid tot haar marktwaarde. Het doel van het symposium is daarom om de intellectuele grenzen van staats- en kapitalistische denkwijzen te overwinnen en gezamenlijk wegen te ontwikkelen naar een gemeenschappelijke economische orde.

Democratische economie als maatschappelijke taak

De medevoorzitter van de DBP, Çiğdem Kılıçgün Uçar, opende het symposium met een verwijzing naar Öcalans opvatting van economie als een gemeenschappelijke praktijk. „Er is in deze wereld niet eens één mier die werkloos is. Hoe kan de mens dan werkloos zijn?“ Deze visie beschrijft economie niet als een instrument voor winstmaximalisatie, maar als een uitdrukking van maatschappelijke organisatie. De huidige economische orde ontloopt daarentegen elke sociale verantwoordelijkheid en reduceert arbeid tot haar marktwaarde. Het doel van het symposium is daarom om de intellectuele grenzen van staats- en kapitalistische denkwijzen te overwinnen en gezamenlijk wegen te ontwikkelen naar een gemeenschappelijke economische orde.

Alarmerende sociale situatie in Koerdistan

De Koerdische politicus en voormalig langdurig gevangene Çetin Arkaş schetste een somber beeld van de sociale situatie in Koerdistan. Onder verwijzing naar diverse statistieken wees hij op de hoge jeugdwerkloosheid, onzekere arbeidsomstandigheden, het stijgende aantal zelfmoorden onder kinderen en jongeren, en de toenemende verspreiding van drugs. Bijna de helft van alle jongeren zou werkloos zijn, meer dan de helft van de werkenden zou zonder sociale zekerheid werken. Vooral het gebrek aan perspectief bij veel jongeren zou alarmerend zijn. „De helft van onze jongeren leeft zonder hoop op een toekomst. Dat is een alarmsignaal.“

Tegelijkertijd bekritiseerde Arkaş de tegenstelling tussen de natuurlijke rijkdom van Koerdistan en de wijdverbreide armoede. Hoewel de regio geldt als de bakermat van de landbouw en beschikt over vruchtbare grond en rijke watervoorraden, zijn veel mensen gedwongen om als seizoenarbeiders onder precaire omstandigheden naar andere delen van het land te trekken. „In het land waar het brood is ontstaan, blijven de mensen vandaag de dag zonder brood.“

Arkaş pleitte voor lokale arbeidsbureaus, sterke solidariteitsnetwerken en een consequente ondersteuning van de landbouw en veeteelt. Ook moet er een einde worden gemaakt aan de uitverkoop van natuurlijke hulpbronnen door mijnbouwprojecten.

Kritiek op het kapitalisme en de democratische moderniteit

Het eerste panel ging in op de vraag hoe een democratische economische orde er buiten de kapitalistische structuren om uit zou kunnen zien. Schrijver Yılmaz Atlığ omschreef de door Abdullah Öcalan ontwikkelde democratische moderniteit als een alternatief voor de kapitalistische moderniteit. Deze is volgens hem niet gebaseerd op concurrentie, uitbuiting en centralisatie, maar op gemeenschappelijke organisatie, ecologische verantwoordelijkheid en de emancipatie van de vrouw. Rojava is vandaag de dag de plek waar deze principes in de praktijk worden getoetst. „De mensheid heeft een democratische moderniteit nodig als alternatief voor de wereldeconomie die is gebaseerd op plundering.“

Ook presentator Metin Yeğin had kritiek op de economische afhankelijkheid van Koerdistan. Hoewel talrijke agrarische grondstoffen uit de regio afkomstig zijn, vindt de industriële verwerking ervan bijna uitsluitend buiten Koerdistan plaats. Als voorbeeld verwees hij naar het coöperatieve model van de Spaanse Mondragón-coöperatie, dat aantoont dat solidaire economische vormen ook op industriële schaal kunnen functioneren.

Vrouweneconomie als basis voor maatschappelijke emancipatie

Terwijl het eerste panel vooral de theoretische grondslagen van een democratische economie belichtte, stond in het tweede deel van het symposium de rol van vrouwen in de productie, de zorg en economische zelforganisatie centraal. Men was het erover eens dat een democratische economie niet kan worden gerealiseerd zonder de emancipatie van vrouwen.

Dilek Başalan, vertegenwoordigster van de vereniging „Kadın Zamanı“ (Tijd van de Vrouw), verwees naar de ervaringen van haar organisatie met Koerdische vrouwen in Istanbul. Velen van hen hadden weliswaar werk, maar beschikten over geen enkele sociale zekerheid of werkten in het familiebedrijf zonder eigen inkomen. „We mogen economische organisatie niet alleen zien als een kwestie van individueel inkomen. Het gaat om collectieve organisatie en om het meenemen van structureel geweld tegen vrouwen in het denken.” De kapitalistische moderniteit dwingt vrouwen tot onderlinge concurrentie, terwijl een liberale economische orde gebaseerd is op solidariteit en gemeenschappelijke organisatie.

Wetenschapper Nadire Karakoyun Çapuk bekritiseerde het feit dat zorgwerk nog steeds voornamelijk op de schouders van vrouwen rust. In plaats van armoede en ongelijkheid te verminderen, zou het overheidsbeleid de sociale kloof juist vergroten. Er is behoefte aan openbare zorgvoorzieningen, versterking van vrouwencoöperaties en gelijke inspraak in vakbonden en de arbeidswereld.

Semiha Arı vestigde de aandacht op de dramatische situatie van werkende vrouwen. In Koerdistan ligt de arbeidsparticipatie van vrouwen aanzienlijk onder het toch al lage gemiddelde van Turkije. Veel vrouwen werken voor lage lonen of beschouwen hun werk vanwege maatschappelijke rolverwachtingen niet eens als betaald werk. „Vanuit een perspectief van vrouwenemancipatie kunnen we genderspecifieke taakverdelingen overwinnen.” Tegelijkertijd wees Arı op het belang van gemeentelijke kinderopvang. Juist gratis kinderdagverblijven zouden voor veel vrouwen de toegang tot de arbeidsmarkt überhaupt mogelijk maken.

Rojava als praktisch model voor een democratische economie

Er werd bijzondere aandacht besteed aan de ervaringen van het Democratisch Zelfbestuur van Noord- en Oost-Syrië (DAANES). De econome Azize Aslan omschreef Rojava als het tot nu toe meest omvangrijke praktische voorbeeld van een democratische en gemeentelijke economische organisatie. Bij het begin van de revolutie werd in eerste instantie de controle over graansilo’s overgenomen, die onder het Syrische Baath-regime niet alleen economisch, maar ook militair van belang waren geweest. Tegelijkertijd ontstonden er gemeenten, volksraden en de eerste brood- en elektriciteitscoöperaties.

Met de oprichting van de kantons werd in 2014 een Economische Raad ingesteld, later gevolgd door de coördinatie van de sociale economie. Het doel was om een economisch bestel op te bouwen dat niet gericht is op de winst van enkelen, maar op de behoeften van de samenleving. „De democratisering van de economie begint in de gemeente.” Coöperaties zijn daarom niet louter een economisch instrument, maar een uiting van maatschappelijk zelfbestuur, aldus Aslan.

Armoede als politieke uitdaging

In het verdere verloop van het symposium kwam de sociale situatie in Koerdistan opnieuw centraal te staan. Er werd gesproken over mogelijkheden voor lokale solidariteitsnetwerken, gemeentelijke werkgelegenheidsprogramma’s en nieuwe financieringsmodellen. Mehmet Şerif Camcı, de voormalige voorzitter van de door de Turkse regering bij decreet verboden hulporganisatie „Sarmaşık“, beschreef de aanhoudende verarming van Koerdistan als het gevolg van een decennialang overheidsbeleid. Hij wees op de verwoestingen tijdens de oorlog in de Koerdische steden en op de economische gevolgen van verdrijving en onteigening.

„Koerdistan beschikt over enorme natuurlijke hulpbronnen. Als de bevolking van een dergelijke regio toch in armoede leeft, moet deze realiteit politiek worden verklaard.“ Camcı pleitte tegelijkertijd voor meer zelfkritiek binnen de Koerdische samenleving. Sociale kwesties zouden in de toekomst een veel grotere rol moeten spelen in het politieke werk.

De arbeidsmarktexpert Sinan Ok bekritiseerde de officiële werkgelegenheidsstatistieken als ontoereikend. Hij pleitte voor gemeentelijke arbeidsbureaus, barrièrevrije steden, gratis openbaar vervoer voor kansarme groepen en openbare dienstverlening in het Koerdisch.

De econoom Mustafa Durmuş wees op de toenemende schuldenlast van brede bevolkingsgroepen. Wie voortdurend moet vechten om economisch te overleven, verliest vaak ook de mogelijkheid tot maatschappelijke en politieke participatie. „Als mensen in een rijke regio arm zijn, heeft dat een naam: kolonialisme.” Hij pleitte ervoor om economische kwesties in de toekomst sterker te betrekken bij het werk van de Koerdische beweging.

Zelfbestuur en agro-ecologie als toekomstmodel

Ter afsluiting van de eerste symposiumpdag bespraken de deelnemers internationale ervaringen met solidaire economische vormen, gemeentelijk zelfbestuur en ecologische landbouw. Milieuwetenschapper Sina Güneş waarschuwde voor de gevolgen van een economische aanpak die de natuur uitsluitend als handelswaar beschouwt. De ecologische crisis is volgens hem een uiting van een systeem dat de mens vervreemdt van zijn natuurlijke levensbasis.

Deniz Güler verwees naar internationale voorbeelden van collectieve productie en zelfbestuur. Coöperaties, gemeenten en lokale besluitvormingsstructuren hebben wereldwijd aangetoond dat democratische economische modellen haalbare alternatieven kunnen zijn voor gecentraliseerde modellen.

Landbouwwetenschapper Abdullah Aysu uitte kritiek op de gevolgen van de industriële landbouw en pleitte voor een consequente uitbreiding van de agro-ecologische productie. „Als we de landbouw veranderen, lossen we een groot deel van de mondiale crises op.” Chemisch intensieve landbouw vernietigt bodems, watervoorraden en biodiversiteit. In plaats daarvan zijn regionale productieketens, natuurlijke teeltmethoden en een sterkere organisatie van de consumenten nodig.

Het debat wordt op de tweede dag voortgezet

Op de tweede dag van het symposium staan strategieën voor de wederopbouw van de landbouw in Koerdistan, gemeentelijk economisch beleid, de rol van de gemeentelijke overheden, stedelijke economie, democratische financieringsmodellen en het opstellen van een stappenplan voor de opbouw van een democratisch-gemeentelijke economie centraal. Met het symposium probeert de DBP het debat over vrede en democratisering uit te breiden met een economisch-politieke dimensie. Centraal staat daarbij de vraag hoe gemeentelijke zelforganisatie, maatschappelijke participatie en lokale productie de basis kunnen vormen voor een democratische samenleving.

Bron: ANF

 

Gerelateerde Artikelen