- Duitsland
In Duisburg hebben Koerden geprotesteerd tegen de moord op Sîpan Hiznî en de recente aanvallen in Rojava. De Volksraad van Duisburg had opgeroepen tot de demonstratie op maandagavond voor het centraal station. De deelnemers droegen vlaggen van de Koerdische vrijheidsbeweging en spandoeken en borden die de aandacht vestigden op de aanvallen in Rojava. Na een minuut stilte voor de gesneuvelden van de Koerdische vrijheidsstrijd gaven de organisatoren in het Duits informatie over de actuele ontwikkelingen in Rojava en de recente gebeurtenissen.
Eis tot volledige opheldering
Ahmed Kobanê, medevoorzitter van de federatie FED-MED, ging in zijn toespraak met name in op de moord op Sîpan Hiznî en de brand in de gevangenis van Kobanê, waarbij negen mensen om het leven kwamen. De incidenten zijn onaanvaardbaar en moeten tot in detail worden onderzocht. De verantwoordelijken moeten worden opgespoord en voor de rechter worden gebracht.
Kobanê verklaarde dat het huidige politieke proces in Rojava en Syrië bij bepaalde actoren op weerstand stuit. „Met provocaties wordt geprobeerd de poging te saboteren om het zelfbestuur te integreren in de toekomstige staatsstructuren van Syrië en de Koerdische bevolking te betrekken bij de politieke herordening van het land.” Tegelijkertijd zouden de eisen van de Koerden inzake zelfbestuur en onderwijs in de moedertaal worden aangevallen. Volgens Kobanê zijn de recente incidenten erop gericht om de Koerdische bevolking opnieuw in een fase van conflicten en onzekerheid te storten.
„Defend Rojava“
De activist riep de bevolking en het internationale publiek op om gezamenlijk weerstand te bieden tegen de aanvallen op Rojava en zich in te zetten voor een democratische en vreedzame oplossing in Syrië. Op spandoeken en borden waren onder andere de eisen „De moordenaars moeten worden gevonden“, „Defend Rojava“ en „Stop de bloedbaden in Rojava“ te lezen. De demonstratie eindigde met leuzen als „Bijî Berxwedana Rojava“ (Leve het verzet van Rojava), „Bijî Yekîtiya Gelê Kurd“ (Leve de eenheid van het Koerdische volk) en „Şehîd Namirin“ (De gesneuvelden zijn onsterfelijk).