EUROPA

Moini: „De echte kracht ligt bij de volkeren“

Moini: „De echte kracht ligt bij de volkeren“
  • Brussel

Vertegenwoordigers van verschillende politieke stromingen, volkeren en religieuze gemeenschappen willen vandaag in het Europees Parlement in Brussel overleggen over de toekomst van Iran. De conferentie, met als motto „Samen bouwen we aan een democratisch Iran”, is bedoeld als forum voor uitwisseling tussen oppositiekrachten en als poging om gezamenlijke perspectieven te ontwikkelen voor de periode na het huidige regime.

Voor de Partij voor een Vrij Leven in Koerdistan (PJAK) is de bijeenkomst veel meer dan een politieke conferentie. Ze moet bijdragen aan het ontwikkelen van democratische alternatieven voor de bestaande machtsstructuren en het versterken van de samenwerking tussen de verschillende maatschappelijke krachten in Iran. Siamand Moini, lid van de presidentiële raad van de PJAK en vertegenwoordiger van de partij in Europa, ziet hierin een noodzakelijk antwoord op de diepe politieke, sociale en economische crises in het land.

Zoeken naar een gemeenschappelijk politiek project

Volgens Moini hebben de politieke strategieën van de Islamitische Republiek niet alleen binnen Iran, maar ook in de regio tot diepgaande spanningen geleid. Het autoritaire beleid van de staat zou protesten in eigen land hebben aangewakkerd en tegelijkertijd conflicten over de landsgrenzen heen hebben aangewakkerd. Tegen deze achtergrond moet de oppositie sterker dan voorheen gezamenlijke antwoorden ontwikkelen op de toekomstvragen van het land.

„De eenheid van de volkeren en het toekomstige fundament van Iran moeten worden gebaseerd op een democratische denkwijze”, zei Moini tegen MA. Iran is geen homogeen land, maar een mozaïek van verschillende volkeren, talen, culturen en geloofsgemeenschappen. Een democratisch alternatief kan daarom alleen ontstaan als deze diversiteit niet als een probleem, maar als een maatschappelijke rijkdom wordt gezien.

Volgens hem moet de conferentie in Brussel ertoe bijdragen verschillende politieke actoren bij elkaar te brengen en gemeenschappelijke grondslagen voor een democratische toekomst te formuleren. Voor de PJAK staat daarbij niet alleen de afzetting van het huidige regime centraal. Veel belangrijker is de vraag welke politieke orde in de plaats daarvan moet komen.

Democratisch alternatief in plaats van nieuw centralisme

Moini waarschuwde ervoor om autoritaire en centralistische structuren louter te vervangen door nieuwe machtscentra. Zonder een democratische verstandhouding tussen de verschillende volkeren en maatschappelijke groepen bestaat het gevaar dat oude heerspatronen worden voortgezet. Naar zijn mening heeft Iran daarom behoefte aan een gedecentraliseerde en democratische wederopbouw, die de verschillende regio's en bevolkingsgroepen politieke inspraak mogelijk maakt.

De verschillende nationale en maatschappelijke gemeenschappen zouden hun ideeën openlijk moeten bespreken en gezamenlijke politieke projecten moeten ontwikkelen. Anders zouden bestaande verschillen opnieuw kunnen worden misbruikt voor centralistische machtspolitiek. „Als deze voorbereiding niet slaagt, zal het centralistische chauvinisme daar opnieuw van profiteren en zal een dergelijk dictatoriaal systeem blijven voortbestaan”, waarschuwde Moini.

“De echte kracht ligt bij de volkeren”

De PJAK-politicus hecht bijzonder veel belang aan de maatschappelijke dynamiek die zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. Vooral de internationale impact van de beweging “Jin, Jiyan, Azadî” (Vrouw, Leven, Vrijheid) heeft aangetoond dat de democratische eisen van de Koerden ver buiten Koerdistan weerklank vinden. Tegelijkertijd heeft het de aandacht van veel internationale actoren op de politieke situatie in Iran gevestigd.

Moini ziet de doorslaggevende kracht voor politieke verandering echter niet in internationale actoren, maar in de mensen zelf. „De volkeren van Iran vormen de dynamische kracht achter een democratische toekomst”, benadrukte hij. De taak van democratische krachten bestaat er daarom in dit potentieel te organiseren en platforms te creëren waarop verschillende maatschappelijke groepen gezamenlijk kunnen optreden. Hij beschouwt de conferentie in Brussel als een stap in die richting.

Kritiek op de Koerdische samenwerking

Met het oog op Oost-Koerdistan (Rojhilat) sprak Moini tegelijkertijd zelfkritisch. Het is weliswaar gelukt om zes Koerdische partijen samen te brengen in de coalitie van politieke krachten van Oost-Koerdistan. De resultaten tot nu toe bleven echter achter bij de mogelijkheden. Volgens zijn inschatting heeft de samenwerking duidelijk bindender structuren en gezamenlijke strategieën nodig. “Deze coalitie is nog zwak en heeft serieuzere stappen nodig”, zei Moini.

Juist gezien de huidige ontwikkelingen zou de Koerdische beweging een belangrijke rol kunnen spelen binnen een breder democratisch bondgenootschap in Iran. Daarvoor zijn echter nieuwe gezamenlijke instellingen nodig. Als voorbeeld noemde Moini de oprichting van gezamenlijke diplomatieke organen, die de internationale vertegenwoordiging van Oost-Koerdistan zouden versterken en de ervaringen van Koerdische intellectuelen, deskundigen en diplomaten beter zouden kunnen integreren.

Iran op een historisch keerpunt

Volgens Moini bevindt Iran zich momenteel in een historische overgangsfase. De politieke en maatschappelijke crises zouden de afgelopen jaren verder zijn verergerd. Tegelijkertijd zouden er nieuwe mogelijkheden voor democratische veranderingen zijn ontstaan. De uitdaging bestaat er nu in om zowel de risico’s als de kansen te onderkennen en daaruit een gezamenlijke politieke visie te ontwikkelen. “We moeten de partijpolitieke en ideologische dogma's achter ons laten en de toekomst van ons land centraal stellen”, aldus Moini.

Hij beschouwt de conferentie in Brussel daarom als onderdeel van een langduriger proces. Het doel is niet alleen de uitwisseling tussen oppositionele krachten, maar ook de ontwikkeling van een democratisch project dat de verschillende volkeren en gemeenschappen van Iran een gemeenschappelijk toekomstperspectief biedt. Of hieruit een breder democratisch front ontstaat, zal volgens veel betrokkenen afhangen van de vraag of het lukt om de diversiteit van Iran te vertalen naar een gemeenschappelijke politieke visie.

 

 

Gerelateerde Artikelen