EUROPA

KNK op de Dag tegen de Oorlog: een oplossing voor de Koerdische kwestie kan vrede brengen in het Midden-Oosten

KNK op de Dag tegen de Oorlog: een oplossing voor de Koerdische kwestie kan vrede brengen in het Midden-Oosten

Ter gelegenheid van de Dag tegen de Oorlog op 1 september heeft het Nationaal Congres van Koerdistan (KNK) opgeroepen tot internationale steun voor het vredesinitiatief van Abdullah Öcalan. De uitvoerende raad van het KNK benadrukt dat de strategiewijziging van de Koerdische vrijheidsbeweging, die is ingezet door de oprichter van de PKK – die op het Turkse gevangeniseiland Imrali vastzit – – een alternatief vormt voor de huidige oorlogslogica in het Midden-Oosten.

„Op deze Dag tegen de Oorlog, in een tijd waarin nauwelijks over vrede wordt gesproken, maar wel voortdurend over oorlog en agressie, willen we aan de hand van het voorbeeld van de Koerdische vrijheidsbeweging laten zien dat vrede mogelijk is”, verklaart het KNK. Het Midden-Oosten is met de oorlogen en conflicten in Palestina, Iran, Israël, Jemen en Libanon, evenals de aanhoudende instabiliteit in Syrië en Irak, een van de belangrijkste conflictgebieden. Pogingen om hiertegen een vredesbeleid in te zetten, zijn daarentegen zeldzaam. „De uitzondering in het Midden-Oosten is het politieke vredesinitiatief dat wordt geleid door de Koerdische vertegenwoordiger Abdullah Öcalan en zijn beweging.“

Breuk met de tot nu toe gehanteerde vorm van verzet

Na decennia van gewapende strijd tegen het assimilatie- en uitroeiingsbeleid van de Turkse staat heeft Öcalan op 27 februari 2025 met zijn „Oproep tot vrede en een democratische samenleving“ een fundamentele strategiewijziging in gang gezet. „Daarmee heeft hij de regionale en internationale oorlogslogica radicaal ter discussie gesteld.” Sinds de oprichting van de republiek in 1923 heeft de Turkse staat keer op keer ingezet op militarisme en geweld en politiek verzet voor vrijheid en gelijkheid beantwoord met repressie. Hiertoe behoorden de militaire staatsgreep van 1960, het militaire memorandum van 1971 en de staatsgreep van 1980.

„De Koerden waren gedwongen hun toevlucht te nemen tot zelfverdediging om hun voortbestaan te verzekeren“, aldus de verklaring. Maar ondanks de aanvallen van de staat hebben de Koerden niet alleen hun bestaan weten te handhaven, maar hebben ze hun eisen ook over de grenzen van Turkije heen uitgedragen. „Geen enkele staatsmacht is erin geslaagd de hoge mate van organisatie en de maatschappelijke mobilisatie van het Koerdische volk te breken.“

De KNK wijst met name op het belang van de emancipatie van vrouwen en het samenleven in een maatschappelijke diversiteit voor de ontwikkeling van een democratisch maatschappijbeeld. De Koerdische samenleving zou door haar politieke verzet het potentieel hebben ontwikkeld om „democratie en daarmee ook vrede over nationale grenzen heen tot stand te brengen“.

„Een voorbeeld voor het hele Midden-Oosten“

Öcalans breuk met de tot nu toe gehanteerde vorm van verzet is gebaseerd op de kracht van de Koerdische samenleving en de waarden die in de decennialange strijd zijn ontstaan. Tegelijkertijd berust deze breuk op het besef dat de oorlogsstrategie van de Turkse staat haar grenzen heeft bereikt. „De oorlogslogica van de Turkse staat is op een punt gekomen waarop zij de Koerden niet heeft kunnen verslaan“, verklaart de KNK. Het inzicht aan de kant van de staat dat is ontstaan door de strijd van Öcalan zou „een belangrijk voorbeeld kunnen worden voor de gehele regio van het Midden-Oosten“.

Een dergelijke ontwikkeling blijft niet beperkt tot Turkije. De KNK ziet in de Koerdische voorstellen voor een oplossing ook perspectief voor Syrië en Iran: „Als Turkije, Syrië en Iran de Koerdische voorstellen voor een oplossing zouden overnemen – de democratische integratie van de Koerden in een gedemocratiseerd politiek systeem en een bijbehorend juridisch kader –, zou dit de hele regio nieuwe hoop kunnen geven.” De centrale boodschap van de verklaring luidt: „De oplossing van de Koerdische kwestie kan vrede brengen in het Midden-Oosten. Internationale steun voor de inspanningen van Öcalan is van cruciaal belang.“

Einde aan de criminalisering geëist

De KNK koppelt aan de oproep tot de Anti-oorlogsdag concrete eisen aan de internationale gemeenschap. „Er moet een einde komen aan de criminalisering van de Koerden door de opname van de PKK op de zogenaamde terroristenlijsten van de EU en de VS, evenals aan het verbod op de PKK in Duitsland, zodat Koerden hun politieke strijd voor democratie en vrede vrijelijk kunnen voeren.“ Bovendien is de verklaring gericht aan het Comité van Ministers van de Raad van Europa. Dit comité moet praktische stappen ondernemen om het recht op hoop voor Abdullah Öcalan te verwezenlijken. De KNK ziet in de door Öcalan ingezette strategiewijziging een kans om de logica van oorlog en militaire confrontatie te overwinnen. De Dag tegen de Oorlog staat daarom ook symbool voor de vraag of de internationale gemeenschap deze koers steunt.

Gerelateerde Artikelen