KOERDISTAN

KCK: Democratisering alleen mogelijk met erkenning van de Koerdische kwestie en vrijheid voor Abdullah Öcalan

KCK: Democratisering alleen mogelijk met erkenning van de Koerdische kwestie en vrijheid voor Abdullah Öcalan

De Unie van Koerdische Gemeenschappen (KCK) heeft scherpe kritiek geuit op het eindrapport van de parlementaire “Commissie voor Nationale Solidariteit, Broederschap en Democratie” en heeft het rapport fundamentele inhoudelijke tekortkomingen verweten. In een uitgebreide verklaring verklaarde het medevoorzitterschap van de uitvoerende raad van de KCK dat het rapport de Koerdische kwestie niet bij naam noemt en daarmee de werkelijke oorzaken van het al decennia durende conflict verhult. Een oplossing is alleen mogelijk door de erkenning van de Koerdische identiteit, uitgebreide democratiseringsmaatregelen en de vrijlating van Abdullah Öcalan.

De parlementaire commissie, die op 5 augustus 2025 was ingesteld, had vorige week haar eindrapport gepresenteerd. De commissie was ingesteld nadat de voorzitter van de ultranationalistische MHP, Devlet Bahçeli, in het najaar van 2024 een openbare oproep had gedaan aan de Koerdische vertegenwoordiger Abdullah Öcalan. Deze had daarop verklaard dat hij over de politieke macht beschikte om het conflict op een juridische en politieke basis te plaatsen, mits daarvoor de juiste voorwaarden zouden worden gecreëerd.

PKK-besluit en verwachtingen van de staat

Op 27 februari 2025 lazen Pervin Buldan en Ahmet Türk na gesprekken op het gevangeniseiland Imrali Öcalans “Oproep tot vrede en een democratische samenleving” voor. Daarin benadrukte Abdullah Öcalan dat een duurzame oplossing alleen mogelijk is als aan politieke en juridische voorwaarden wordt voldaan.

De PKK hield van 5 tot 7 mei 2025 haar 12e congres en besloot haar organisatorische structuren op te heffen en de gewapende strijd te beëindigen. Tegelijkertijd werd vastgesteld dat Abdullah Öcalan een centrale rol moest spelen in het verdere politieke proces. Volgens de KCK ligt de verantwoordelijkheid nu bij de staat. De noodzakelijke wettelijke en politieke hervormingen moeten worden doorgevoerd om de overgang naar een democratisch politiek debat mogelijk te maken.

“Rapport verzwijgt kern van het probleem”

In haar verklaring verwijt de KCK de commissie dat zij de Koerdische kwestie niet expliciet benoemt. In plaats daarvan wordt er nog steeds gesproken over het “terrorismeprobleem”. Hierdoor wordt de structurele oorzaak van het conflict – de historische ontkenning van het bestaan van de Koerden en hun fundamentele rechten – buiten beschouwing gelaten.

De overkoepelende organisatie stelt dat al ongeveer 100 jaar niet de oorzaak, maar alleen het gevolg van de Koerdische kwestie wordt behandeld. “Ook al wordt er formeel gesproken over een afkeer van het beleid van ontkenning, in juridisch en politiek opzicht wordt dit beleid in feite voortgezet.” Tegelijkertijd wijst de KCK erop dat het rapport herhaaldelijk spreekt over democratisering, rechtsstaat en vrijheid van meningsuiting en organisatie. Hieruit blijkt indirect dat het eigenlijke tekort ligt in het gebrek aan democratische erkenning van Koerdische rechten. Een “democratisering zonder Koerden” is echter tegenstrijdig en politiek niet haalbaar.

Afwijzing van de beschuldiging van terrorisme

De KCK wijst de herhaalde karakterisering van de Koerdische vrijheidsbeweging als “terroristisch” scherp van de hand. Het decennialange conflict wordt in het rapport eenzijdig weergegeven, terwijl staatsgeweld en tienduizenden onopgehelderde moorden onvermeld blijven. Abdullah Öcalan heeft herhaaldelijk voorgesteld een waarheidscommissie in te stellen om misdaden tijdens het gewapende conflict op te helderen. “Een eenzijdige weergave van de verliezen is niet geschikt om sociale verzoening mogelijk te maken.” De KCK benadrukt dat het gewapende conflict is voortgekomen uit de niet-erkenning van Koerdische rechten. Met het besluit om de gewapende strijd te beëindigen, heeft de beweging haar steentje bijgedragen aan de de-escalatie.

Democratische politiek in plaats van “terugkeer onder voorbehoud”

Een ander punt van kritiek betreft de kwestie van de ontwapening en terugkeer van strijders naar Turkije. De KCK benadrukt dat het niet gaat om individuele terugkeerprogramma's, maar om het creëren van een politiek kader dat vrije democratische activiteiten garandeert. Het neerleggen van de wapens is gekoppeld aan het waarborgen van onbeperkte politieke vrijheid van organisatie en meningsuiting. Zonder structurele hervormingen en wettelijke garanties dreigt voortzetting van de politieke onderdrukking, zoals die vandaag de dag al wordt toegepast tegen oppositionele krachten.

“Abdullah Öcalan moet vrij kunnen werken”

Het centrale punt van de verklaring is de eis tot vrijlating van Abdullah Öcalan, respectievelijk tot vrije arbeids- en communicatievoorwaarden. "Hij is de eigenlijke onderhandelingspartner in de kwestie van een politieke oplossing. Als er een jaar na de vredesoproep van 27 februari geen substantiële vooruitgang is geboekt, komt dat door de voortdurende detentie- en isolatieomstandigheden.

Als de staat serieus geïnteresseerd is in een duurzame oplossing, moet hij de rol van Öcalan officieel erkennen en hem onbeperkte communicatiemogelijkheden bieden. Anders komt de geloofwaardigheid van het hele proces in het geding."

Oproep tot maatschappelijke mobilisatie

Tot slot roept de KCK de Koerdische bevolking en alle democratische krachten in Turkije op om zich actief in te zetten voor een oplossing van de Koerdische kwestie en voor democratisering. Een zo fundamentele maatschappelijke kwestie mag niet alleen aan de staat of uitsluitend aan de vrijheidsbeweging worden overgelaten. Een duurzame oplossing is volgens de verklaring alleen haalbaar door georganiseerde maatschappelijke mobilisatie en politieke druk.

Bron: ANF

Gerelateerde Artikelen