- Iran
Volgens haar advocaten gaat de gezondheidstoestand van de Koerdische politieke gevangene Varisheh Moradi, die in Iran wordt vastgehouden, steeds verder achteruit. Hoewel zowel medische specialisten als de arts van de Evin-gevangenis in Teheran hebben aanbevolen dat zij buiten de gevangenis wordt behandeld, is Moradi naar verluidt al meer dan negen maanden niet overgebracht naar een externe medische instelling.
In een gesprek met het nieuwsmedium Emtedad verklaarden haar advocaten dat Moradi lijdt aan een darmaandoening en aan een ernstige hernia in de nek. Zij gaven aan dat de benodigde behandeling niet binnen de gevangenis kan worden geboden.
Haar advocaat, Kayvan Azizi, benadrukte dat gevangenen volgens de Iraanse wetgeving recht hebben op overplaatsing naar gespecialiseerde medische instellingen wanneer de vereiste behandeling niet in de gevangenis kan worden geboden. Hij merkte ook op dat Moradi gewond is geraakt tijdens gevechten tegen de terroristische groepering Islamitische Staat (ISIS) en nog steeds lijdt aan de langetermijngevolgen van die verwondingen.
Medische apparatuur ontoegangkelijk
Volgens haar verdedigingsteam wordt Varisheh Moradi ook de toegang tot essentiële medische apparatuur ontzegd.
Haar advocaat Amir Sajjadi verklaarde dat de gevangenisarts het gebruik van de benodigde medische hulpmiddelen uitdrukkelijk had goedgekeurd, hoewel de familie van Moradi deze al had verstrekt. De gevangenisleiding zou echter hebben geweigerd deze af te geven.
Advocaat Sajjadi verklaarde dat de gevangenisautoriteiten de overhandiging van de medische hulpmiddelen afhankelijk hebben gesteld van voorwaarden die geen verband houden met de medische zorg voor Moradi. Hij merkte ook op dat de beperkingen op haar telefoongesprekken en familiebezoeken nog steeds van kracht zijn, hoewel de oorspronkelijke verboden al zijn verstreken. Volgens hem is Moradi niet formeel in kennis gesteld van een nieuw administratief besluit waarmee deze beperkingen worden verlengd.
Doodvonnis vernietigd – nieuw proces aan de gang
Varisheh Moradi werd in augustus 2023 gearresteerd en vervolgens ongeveer vijf maanden in eenzame opsluiting gehouden. Volgens verschillende mensenrechtenorganisaties werd zij in die periode aan zware martelingen onderworpen.
In november 2024 veroordeelde afdeling 15 van de Revolutionaire Rechtbank van Teheran, onder voorzitterschap van rechter Abolghasem Salavati, haar ter dood op beschuldiging van „baghy“ („gewapende opstand tegen de staat“).
Het Iraanse Hooggerechtshof heeft het doodvonnis later vernietigd wegens procedurele tekortkomingen en de zaak terugverwezen naar dezelfde rechtbankkamer voor een nieuw proces.
Moradi, geboren in 1985 in Sine (Sanandaj) – ook bekend als Ciwana Sine – is activiste bij de Gemeenschap van Vrije Vrouwen van Oost-Koerdistan (KJAR). Tijdens het verzet tegen de zelfbenoemde Islamitische Staat (ISIS) reisde ze naar Rojava, waar ze onder meer deelnam aan de verdediging van de symbolische stad Kobanê.